Columns

Column Veenmuseum - De Mol en Golden Retriever

Het lijkt wel de titel van een sprookje, maar het overkwam me toch echt op één van de laatste dagen van het bezoekersseizoen 2020.

Op een wat grijze, natte ochtend belde een vriendelijke mevrouw met de vraag: “We zijn met een zestal volwassenen hier in de buurt gelogeerd en willen het Veenmuseum graag bezoeken. Is dat mogelijk? “. U bent van harte welkom was mijn antwoord. ” Ja, maar we hebben allemaal een hond, mag dat ook?” Ook dat is mogelijk mits de honden zijn aangelijnd in verband met het wild dat op het museumterrein kan rondlopen. “Mogen de honden dan ook mee in het veentreintje?” Als de honden dat ook willen kunnen we dat ook regelen, dus zo gezegd, zo gedaan.

We hebben een rondleiding gegeven, zijn op de diverse stopplaatsen uitgestapt en de honden gedroegen zich keurig.  Ze bleven ook in het treintje mooi zitten en waren niet onrustig.

Tot we bij de plaggenhut met het naastgelegen Huuske (buitentoilet) aankwamen. Daar uitgelegd waar het uitgezaagde(vrouwelijke) symbool van het hartje   vandaan kwam; een uitleg die steeds verbazing oproept bij de bezoekers. “Nu gaan we weer af van die gescheiden toiletten voor mannen en vrouwen, maar vroeger hielden ze daar al strikt de hand aan?”.

Omdat de daar gelegen plaggenhut nogal klein is konden niet alle zes bezoekers met hun hond tegelijk naar binnen en moesten ze dus even op hun beurt wachten.

Uit de bult machinale turf die tussen het Huuske en de plaggenhut staat kwam een mol tevoorschijn die schrok van al die bezoekers en een vluchtweg zocht. Eén van de honden, een prachtige golden retriever had dat in de gaten en wilde achter de mol aan. Hij trok zijn bazin de riem uit de handen en nam een sprint. De mol was hem te snel af en verdween. De bazin riep haar hond die na flink aandringen terugkwam lopen onderwijl flink omkijkend of hij die mol nog zag. De bazin sprak de hond nog eens flink toe: “Dat mag je toch niet, dat weet je wel” en de hond kwam schoorvoetend teruglopen naar de plaggenhut.

Een meter of vijf voor de deur van de plaggenhut bevindt zich een oud dichtgegooid gat in de veengrond, waarin vrijwel altijd water staat. Van dat mooie bruinzwarte veenwater.

De golden retriever zag die plas, nam een run en stortte zich in de plas. Vervolgens draaide hij zich nog eens lekker op zijn rug door de plas, liep naar zijn bazin en schudde zich bij haar lekker uit. De golden kleur was er toen wel af.  “Je zou hem toch aan de lijn houden?”, zei één van de andere hondenbaasjes.

De mol was verdwenen en in geen velden of wegen meer te bekennen.

Één van de leuke zaken die je kunnen overkomen als vrijwilliger in het Veenmuseum.

We hopen dat de coronapandemie dit voorjaar beheersbaar wordt zodat we op zondag 4 april 2021 weer bezoekers te kunnen ontvangen voor een nieuw bezoekersseizoen.

We wensen u alvast een goed jaar toe!

Martin Santman, vrijwilliger