Algemeen

Klederdrachten uit Nederland te zien in het Historisch Museum Vriezenveen

VRIEZENVEEN - In het Historisch Museum in Vriezenveen is op dit moment een tentoonstelling te bezichtigen van poppen die klederdrachten dragen vanuit bijna alle provincies van Nederland. De klederdrachten zijn van authentieke stoffen gemaakt en elk detail is volledig benaderd naar de werkelijkheid.

Maakster van de klederdrachten is mevrouw Truus Arbouw- Rozema. Het grootste gedeelte van haar leven woonde zij in de provincie Groningen, waar zij geboren is. In 1976 is zij verhuisd naar Vriezenveen en overleed hier in 1999. Een bezige bij, die naast haar werk als ambtenaar ter secretarie in de toen nog geheten gemeente Stedum (Gr) vele hobby’s had. Zo was zij onder meer bekend als schrijfster van Nederlandse en Groningse verhalen. Hiermee trok zij veelvuldig de provincie door, om die verhalen voor te dragen op verenigingen als gastspreekster. In 1970 trouwde haar dochter, die de bruidsjurk zelf naaide. Van een overgebleven stukje stof naaide Truus de bruidsjapon na, op het formaat van een Barbiepop. Alle details nam zij daarbij mee. Ze vond het een mooie herinnering. Er bleek meteen een nieuwe hobby aangeboord te zijn. De bruid werd namelijk al snel gevolgd door de kleding die zij zelf droeg toen zij naar de lagere school in Kolham ging, begin jaren twintig. Daarna haar overgrootmoeder, die in klederdracht rondliep.

Een poppenrij die groeide

Langzaam maar zeker ontstond er een rij klederdrachtpoppen, die zij tijdens de voordrachtavonden meenam om te showen. Waarbij zij dan uitleg gaf vanaf het ondergoed tot de zichtbare dracht. Op een gegeven moment waren haar ‘poppenkinderen’ in zo groten getale, dat zij overging op een ‘poppenshow’, met er tussendoor een zelf geschreven verhaal. De Nederlandse poppen werden op een gegeven moment aangevuld met buitenlandse klederdrachten. Tijdens vakanties in Europa en Amerika kocht zij tegelijkertijd de materialen om ook hier weer een pop mee te kleden. Maar ook werd Truus geregeld opgebeld met bijvoorbeeld de vraag: “We gaan naar Lapland. Zullen we stoffen meenemen”. En in Nederland: “We hebben de zolder van opoe opgeruimd. Er lag nog een klederdracht. Wij doen er niets mee. Wilt u het hebben?“ Zo groeide de rij poppen tot 125 exemplaren. Maar ook de verzameling studieboeken over de klederdrachten. Want ze wilde er tot in detail alles over weten. Soms werd Truus zelfs geïnformeerd tijdens de showavonden door het publiek. Daar was zij blij mee, want voor alles: “Het moet precies zo zijn als het origineel. Alleen in het klein”.

Deze boeiende verzameling is vanaf deze week te bezichtigen in het Historisch Museum aan het Tilanusplein in Vriezenveen en blijft daar tot half augustus. Het museum is geopend van 10.00 tot 17.00 uur. Maandag en zaterdag op afspraak. Entree € 5,00. Kinderen tot 16 jaar € 2,00.