
Scholekster (1)
ColumnsDe naamgeving van deze weidevogel is deels begrijpelijk. Het achtervoegsel ekster verwijst naar de bekendere kraaiachtige vogel (pica pica), die graag bij mensen in de buurt woont en leeft. In maart heb ik in dit blad al eens lofzang aan de bouwkunst van de ekster geweid. Maar het “schol” van scholekster is niet goed te verklaren volgens etymologen.
Dat terwijl streek- en dialectnamen zoveel meer over de aard en de kenmerken van de scholekster vertellen. In Friesland komen we de naam stranljip tegen, wat vrij vertaalt strandkievit betekend. In Groningen wordt gesproken over slijkaakster. Het ekster herkennen we wel en modderekster zou wel een aardige vertaling kunnen zijn. In Zuid Holland spreken ze over oestervisser of oesterdief. De scholekster is bij uitstek toegerust om schelpdieren te eten. En in bijna alle regio’s kom je de naam bonte piet tegen voor de scholekster. Het “piet” stamt dan af van het geluid dat een scholekster maakt en het bonte slaat op de kleur die deze vogels hebben. Ook worden wel de namen zeekiewiet en strandkieft genoemd. Al deze namen voor scholekster zijn m.i. typerender voor deze vogel dan zijn officiële naam.
Nu ligt mijn oorsprong in Drenthe en in mijn jeugdjaren noemden we een scholekster een oostindische kievit. Geen idee waar dat nou weer op slaat. Er bestaat wel een indische kievit, maar die lijkt weer qua uiterlijk op onze gewone kievit. Of is er een verwantschap is met oostindisch doof. Ik weet het niet.
De scholekster bezoek onze gemeente Twenterand trouw en wel in het broedseizoen, de lente. Een paartje hangt eerst wat gezellig rond op of bij een akker, een hoekpaal of een dak. Ook plasdrassen worden graag bezocht. Maar als er gezaaid of gepoot wordt, komen de scholeksters in actie. Er wordt een nestkom in de aarde gemaakt en er worden eieren gelegd, meestal drie of vier. Aan stoffering van het nest doen scholeksters niet, het blijven tenslotte strandvogels. De eieren liggen vaak gewoon in het zand en ter verfraaiing van het nest wordt er nog wel eens een mooi gekleurd steentje in het nest ingelegd of een scherf van verloren gegaan aardewerk. Van veraf kun je kun je vaak goed zien waar een scholekster broedt en als je het land betreedt loop de broedende vogel vlug van het nest en maakt zich uit de voeten. Kom je in de buurt van het nest dan word je verbaal door de andere scholekster “aangevallen”! Mij is ook een verhaal bekent, dat zo’n woedende scholekster zelfs een drone uit de lucht heeft gehaald door er keihard tegen aan te vliegen. Maar sinds enige jaren passen sommige scholeksters hun broedgedrag aan. Daarover binnenkort meer!
Harm Jan Kerssies









