
De Engbertsdijksvenen
ColumnsOp de foto ziet u drie soorten veenmos van de ruim honderd bestaande soorten. Deze drie zijn vlak bij elkaar gevonden in de gemeente Twenterand, in de Engbertsdijksvenen. Het zijn niet de zeldzame soorten waar je op hoopt, maar het is wel een teken dat op een aantal plekken gunstige omstandigheden aanwezig zijn voor het ontstaan van nieuw hoogveen. Waarom is dat belangrijk?
In september 2023 vond een grote veenconferentie plaats in Antwerpen. Meer dan vijfhonderd internationale experts kwamen tot de conclusie dat veenherstel noodzakelijk is als we onze klimaat- en biodiversiteitsdoelstellingen willen halen. Dat kan alleen als veen nat is en blijft. Uit verdroogd veen komen de gedurende duizenden jaren opgeslagen koolstoffen vrij in de vorm van CO2. Wereldwijd komt daardoor twee keer zoveel broeikasgas vrij als door de luchtvaart. Het te droge veen in Nederland stoot per jaar twee keer zoveel CO2 uit als alle bossen in Nederland jaarlijks opnemen. Levend (groeiend) veen slaat ook weer koolstof op. Dus: of droge veengebieden zijn een deel van het probleem, of natte veengebieden zijn een deel van de oplossing. De conferentie roept beleidsmakers op om werk te maken van duurzame en winstgevende bedrijfsmodellen voor agrarische- en andere bedrijven die land gebruiken op veengronden. En om versneld veengebieden te vernatten.
In onze Engbertsdijksvenen wordt hard gewerkt, middels de Natura2000 maatregelen, om ons veengebied deel van de oplossing te laten zijn. Wie daar vaak komt kan dat met eigen ogen zien. Wie iets meer wil zien en weten kan ook inschrijven voor een excursie van Staatsbosbeheer. Aankondigingen daarvoor komen in deze krant en op de site van Staatsbosbeheer (gebied Twente >activiteiten). Zelf had ik het geluk om samen met de boswachter, ver van het pad af, de drie veenmossen van de foto te mogen zien. Wat dan ook opvalt, zo midden in het veengebied, is de uitgestrektheid.
“De bewoners leefden in een afgrijselijke uitgestrektheid. Niets dan heidevelden met ontelbare plassen en vennen, zover het oog reikte. Deze boze, barre woestenij was gevaarlijk voor mens en dier, mede door het drijfveen dat er voorkwam. Wie hier verdwaalde keerde veelal niet terug. Alleen wie vertrouwd was met het gebied ging er binnen.”
Deze tekst komt uit een reisverslag van omstreeks 1820. De wijde omgeving van de Engbertsdijksvenen zag er toen net zo uit als het meest moerassige deel van de Engbertsdijksvenen nu. Alles wat u in de omgeving ziet is 4 tot 6 meter afgegraven. Alles, behalve de zandkoppen en de hoogveenkern in het midden. Het veen ging als turf de kachel in. Nu zit turf alleen nog in potgrond.
Wij hebben in de gemeente Twenterand een uniek gebied, laten we er zuinig op zijn. En er op gepaste wijze van genieten.
Wim Hilderink.









